Over het NRC Lezersfonds (1928)

Al meer dan 90 jaar betrokken bij kwetsbaren in de samenleving

Schaamte, stress, sociale isolatie. Je kinderen naar school sturen zonder eten, de contributie van hun sportclub niet kunnen betalen, gebrek aan gezamenlijke ontspanning met je gezin omdat er geen geld is voor een uitje of een vakantie. Omstandigheden die vele mensen, ook in Nederland, helaas maar al te goed kennen. Toch merken we daar niet altijd iets van. De een schaamt zich, de ander weet simpelweg niet waar hij of zij terecht kan voor hulp. Zo ontstaat ‘stille armoede’, buiten het zicht van de samenleving en hulpinstanties.

In ons land leven anno 2020 bijna 1 miljoen mensen in armoede. Dat wil zeggen dat ze minder dan 1.135 euro per maand te besteden hebben. Kinderen zijn het meest de dupe: maar liefst 8 procent van de kinderen in Nederland groeit op in een arm gezin. Vergeleken met landen om ons heen is dat een verontrustende score. Armoede is slecht voor de gezondheid van mensen, het veroorzaakt stress en een afname van cognitieve vaardigheden. Voor kinderen heeft het gevolgen voor hun prestaties op school. Ze blijven vaak op een lager onderwijsniveau steken en lopen het risico arm te blijven als volwassenen.

Foto: Koen van Weel

Vanuit de politiek is er al jaren weinig initiatief om armoede aan te pakken. In tegendeel: de regering verlaagt na 2021 de bijstandsuitkering stapsgewijs. Planbureaus voorzien dat het aantal mensen dat in armoede leeft, de komende vijftien jaar met een kwart groeit. Het Lezersfonds van NRC draagt bij aan armoedebestrijding en haalt daarvoor jaarlijks geld op met de Kerstactie. Dit jaar, waarin we te maken hebben met een ontwrichtende pandemie, is dat des te meer noodzakelijk en urgent.

De economische crisis als gevolg van corona is een extra klap voor armoede in Nederland. Planbureaus waarschuwen voor langdurige armoede van mensen die hun baan verliezen, omdat baankansen na één jaar armoede sterk afnemen. Hulporganisaties zien nu al een toename in het aantal gezinnen dat beroep op hen doet. Het Rode Kruis verwacht de komende tijd ruimtegebrek in de daklozenopvanglocaties. Niet alleen door eventuele extra toestroom van daklozen – het zijn er op dit moment al 40.000 – maar ook doordat het houden van voldoende afstand meer ruimte kost. Voedselbanken kampten met tekorten toen half Nederland aan het hamsteren sloeg.

Het coronavirus is bovendien een groter risico voor mensen met geen of een laag inkomen. Zij worden meer blootgesteld aan het virus, omdat ze vaak werk hebben dat ze niet vanuit huis kunnen doen. Ze reizen vaker met het openbaar vervoer. Boodschappen thuis laten bezorgen of voldoende mondkapjes aanschaffen: allemaal extra kosten. Daarnaast is de algehele gezondheid van mensen van invloed op het verloop van een corona-infectie. Voldoende sporten en goede voeding houdt mensen fit en weerbaar. Maar sporten kost geld en gezond eten is duurder dan ongezond eten. Die sociaaleconomische gezondheidsverschillen vormen nu dus een extra groot probleem; diabetes en overgewicht zijn immers risicofactoren voor corona.

Juist in deze tijd is het bestrijden van armoede in het belang van ons allemaal. Het NRC Lezersfonds doet dat. We beperken ons daarbij uitdrukkelijk tot armoede in Nederland. In de verantwoording van 2019 is te vinden waaraan we het ingezamelde geld precies hebben besteed. Zo bieden we voedselhulp en hulp aan daklozenopvang. We ondersteunen projecten voor specifieke groepen, zoals vakanties voor kinderen of bed, bad en brood voor uitgeprocedeerde asielzoekers. Ook gaat er geld naar mensen in acute financiële problemen, via fondsen door heel Nederland zoals Stichtingen Bijzondere Noden.

Het NRC Lezersfonds, oorspronkelijk het Fonds van Algemeen Handelsbladlezers, werd opgericht door het Algemeen Handelsblad ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van het Handelsblad in 1928. Het fonds had aanvankelijk een andere doelstelling. Het wilde “bekende of veelbelovende Nederlanders, geleerden, kunstenaars, schrijvers en ontdekkingsreizigers in staat stellen door reizen in den vreemde bij te dragen tot vermeerdering van de cultuur van ons vaderland”. Na de Tweede Wereldoorlog werd deze opzet praktisch verlaten en richtte het fonds zich op de bestrijding van ‘stille armoede’.